Menu

Partners - Frederic Rzewski

Artikelindex

Frederic Rzewski

Frederic Rzewski (Westfield (Massachusetts, 13 april 1938) is een Amerikaans componist, muziekpedagoog en pianist. In 1960 ging hij in Italië bij Luigi Dallapiccola studeren en raakte vertrouwd met de muziek van Pierre Boulez, Karlheinz Stockhausen, John Cage en anderen. Hij stichtte het ensemble Musica Elettronica Viva, een ensemble dat improviseerde met elektronisch bewerkte instrumenten. In 1971 keerde hij terug naar New York. De toenmalige directeur van het Conservatoire Royal in Luik, Henri Pousseur, nodigde Rzewski in 1977 uit om er een alternatief artistiek traject te creëren waarin aandacht voor spontaneïteit, improvisatie en nieuwe muziek zou zijn. Rzewski bleef als compositieleraar van 1977 tot 2003 in Luik.

Rzewski heeft een aantal pianowerken geschreven, die hij vaak zelf uitvoert. Deze werken zijn opvallend toegankelijk en traditioneel van aard. Dit doet hij om zijn werken, die bijna steeds een politieke lading hebben, voor de arbeidersklasse begrijpelijk te houden. Om deze reden wordt hij wel eens vergeleken met de Brit Cornelius Cardew, een componist die in zijn latere werk een sterk geëngageerde stijl aannam en in fabriekshallen optrad. Rzewski's muziek draagt stijlkenmerken die aan avantgardecomponisten ontleend zijn.

Uit een programmabrochure van de Singel in Antwerpen : „Frederic Rzewski heeft daarnaast sociale wantoestanden en politieke onderdrukking aangeklaagd en de lof van een alternatief links maatschappelijk model bezongen. De gewijzigde verhouding tussen componist, uitvoerders en luisteraars zoals Rzewski die vormgeeft in tal van zijn werken, is op te vatten als anticipatie van een maatschappijvorm waarin grotere gelijkheid heerst tussen de mensen. Naast een artistiek gaat het dus ook om een sociaal experiment op microniveau, een utopische voorafname op een betere samenleving. Daarnaast geven ook titels en teksten blijk van zijn politieke betrokkenheid.”

Twee van zijn bekendste werken, ‘Coming Together’ (1971) en ‘Attica’ (1972), geven lucht aan zijn verontwaardiging over een opstand in de Attica gevangenis in New York, die op ongemeen bloedige wijze werd neergeslagen (43 doden). Maar het bekendste is ongetwijfeld The People United Will Never Be Defeated! (1975), een reeks van 36 variaties op het socialistische lied El pueblo unido jamas sera vencido!, waarbij hij een tonaal thema bewerkt met technieken als serialisme en minimalisme.

In 2013 componeerde hij het verplicht werk Dream voor de Koningin Elisabethwedstrijd 2013 (voor piano) dat door alle halve-finalisten gespeeld werd.

Verschillende koren zingen van hem de straatcanons Stop the war (1995) en NoMoreWar (2005).